Je hebt jarenlang braaf premie betaald voor je arbeidsongeschiktheidsverzekering. Dan, onverwacht, val je uit. Rughernia, burnout, hartproblemen — het maakt niet uit wat het is. Wat nu volgt, is een traject waar veel DGA’s niet op voorbereid zijn: de claim-procedure, de medische keuring, de vraag wie de uitkering krijgt en hoeveel er netto van overblijft. Voor een directeur-grootaandeelhouder (DGA) van een besloten vennootschap is dit traject fundamenteel anders dan voor een werknemer of zzp’er met een eenmanszaak.
In 2026 zijn de spelregels rond de DGA-AOV uitkering op meerdere punten actueel. Het gebruikelijk loon is vastgesteld op minimaal € 58.000 en de belastingschijven zijn opnieuw aangepast. Beide hebben directe gevolgen voor wat er bij arbeidsongeschiktheid met jouw inkomen en belastingpositie gebeurt. Dit artikel legt het volledige uitkeringspad uit — van de eerste ziekmelding tot de netto euro’s op jouw rekening.
Stap 1: ziekmelding en de eigen risicotermijn
Als je als DGA arbeidsongeschikt wordt, begint het uitkeringspad met de ziekmelding bij je verzekeraar. De meeste verzekeraars — Movir, Centraal Beheer, De Goudse, Interpolis, a.s.r. — vereisen dat je de schade zo snel mogelijk meldt, bij voorkeur binnen enkele werkdagen nadat je weet dat de arbeidsongeschiktheid langer gaat duren. Wacht je te lang, dan kun je rechten verspelen. Meld je bij je verzekeraar, vul het schadeformulier in en stuur een kopie van je identiteitsbewijs mee.
Daarna begint de eigen risicotermijn. Dit is de wachttijd die je zelf hebt gekozen bij het afsluiten van je polis: doorgaans 14 dagen, 30 dagen, twee maanden of soms een heel jaar. Hoe langer de eigen risicotermijn, hoe lager de premie — maar hoe langer je dus zelf het inkomensverlies opvangt. Voor DGA’s die hun gebruikelijk loon gewoon blijven ontvangen vanuit de BV, is een langere eigen risicotermijn vaak te dragen. Zodra de eigen risicotermijn om is, begint de verzekeraar met de beoordeling.
Stap 2: de medische keuring door de verzekeraar
De verzekeraar schakelt een arbeidsdeskundige en soms een medisch adviseur in om te beoordelen in welke mate jij arbeidsongeschikt bent. Dit is de verzekeraars-keuring — en die wijkt wezenlijk af van de UWV-keuring die werknemers kennen. De UWV beoordeelt in het kader van de WIA of WW; als DGA val je niet onder het werknemersstelsel en heb je doorgaans geen recht op een WIA-uitkering.
Dat is precies de reden waarom je als DGA een private AOV nodig hebt. Je bent niet in dienst bij je eigen BV voor de sociale verzekeringswetgeving — de Hoge Raad heeft geoordeeld dat de DGA niet als werknemer wordt gezien voor de werknemersverzekeringen. De KVK legt dit helder uit: DGA’s vallen buiten de WW, WIA en Ziektewet, tenzij ze aandelen hebben onder de 50%.
De verzekeraar-eigen keuring kijkt naar jouw beroep, jouw taken als directeur, en de mate waarin jij die taken nog kunt uitvoeren. Bij een AOV met dekking op beroepsarbeidsongeschiktheid telt alleen of jij jouw eigen beroep nog kunt uitoefenen. Bij een ruimere definitie (gangbare arbeid) moet je ook ander werk aankunnen. De keuze van de arbeidsongeschiktheidsdefinitie bij het afsluiten van je polis bepaalt straks hoe hoog je uitkering wordt.
Het gebruikelijk loon: betaalt de BV door bij ziekte?
Hier zit een cruciaal punt dat veel DGA’s verrast: de BV is wettelijk verplicht om het gebruikelijk loon maximaal twee jaar door te betalen, ook als jij door ziekte of arbeidsongeschiktheid niet werkt. Dit is de loondoorbetalingsverplichting die ook voor reguliere werkgevers geldt — en die voor de BV-DGA relatie eveneens van toepassing is.
In 2026 bedraagt het verplicht minimumloon voor DGA’s € 58.000 per jaar. Je BV moet dit dus twee jaar lang blijven uitkeren, ook als de kas krap is. Die verplichting staat los van je AOV-uitkering: de AOV-uitkering komt er bovenop, of in de plaats van je inkomen boven het loon, afhankelijk van hoe je de polis hebt vormgegeven. Kortom: gedurende de eerste twee jaar van arbeidsongeschiktheid loopt jouw gebruikelijk loon gewoon door — maar de BV draagt dat risico zelf.
Is jouw BV klein en heeft die onvoldoende reserves? Dan kan dit problematisch worden. De arbeidsongeschiktheidsverzekering kan dan de BV helpen het loondoorbetalingsrisico op te vangen. Dat is een extra argument voor een zakelijke AOV op naam van de BV — niet als fiscale optimalisatie, maar als cashflowbuffer voor een kwetsbare BV.
Uitkeringspad privé-AOV: direct naar jou, belast in box 1
Als jij je AOV privé hebt afgesloten — op jouw naam als verzekerde, niet op naam van de BV — dan keert de verzekeraar de uitkering direct aan jou uit. Die uitkering is belastbaar in box 1 van de inkomstenbelasting, omdat de premies ook aftrekbaar waren als uitgaven voor inkomensvoorzieningen. Je betaalt er inkomstenbelasting over tegen je marginale tarief.
In 2026 zijn de box 1-tarieven als volgt:
| Inkomenssschijf | Belastingtarief 2026 |
|---|---|
| Tot € 38.441 | 35,75% |
| € 38.441 – € 76.817 | 37,48% |
| Boven € 76.817 | 49,50% |
Stel je ontvangt een AOV-uitkering van € 4.000 per maand (€ 48.000 per jaar) na een wachttijd van 30 dagen. Je hebt geen ander inkomen meer omdat je het gebruikelijk loon hebt stopgezet vanwege aantoonbaar minder werk. Dan valt € 38.441 in de eerste schijf (35,75%) en het resterende deel in de tweede (37,48%). Je netto maandinkomen ligt dan op circa € 2.500 — een aanzienlijke terugval, maar zonder de extra belastinglaag via de BV.
Uitkeringspad zakelijke AOV: BV ontvangt, jij betaalt dubbel
Heeft de BV de AOV op haar naam staan, dan ontvangt de BV de uitkering. Die uitkering telt als omzet van de BV en wordt in de vennootschapsbelasting betrokken: 19% over de eerste € 200.000 winst en 25,8% daarboven in 2026. Daarna moet het geld alsnog bij jou terechtkomen — via loon of dividend.
Uitkering via loon: je verhoogt jouw gebruikelijk loon of neemt extra loon, en betaalt er inkomstenbelasting over in box 1. Uitkering via dividend: de BV betaalt eerst Vpb, dan keer je dividend uit en betaal je box 2 (24,5% over de eerste € 68.843 en 31% daarboven in 2026). De gecombineerde druk op een AOV-uitkering via de BV kan daarmee oplopen tot meer dan 50% — terwijl een privé-uitkering direct in box 1 terechtkomt zonder BV-tussenstation.
Er is nog een ander risico: als de BV in de problemen komt of failliet gaat terwijl jij arbeidsongeschikt bent, behoort de lopende AOV-uitkering tot het BV-vermogen. Crediteuren kunnen daarop beslag leggen. Bij een privé-polis is dat risico er niet — die uitkering is van jou persoonlijk. De AFM en juridische adviseurs wijzen daar nadrukkelijk op bij complexe verzekeringsconstructies.
Praktijkvoorbeeld: DGA wordt 60% arbeidsongeschikt, privé vs. zakelijk
Marijn is DGA van een IT-consultancybedrijf, 46 jaar, keert zichzelf € 65.000 gebruikelijk loon uit. De BV heeft een winst van € 160.000. Hij heeft een AOV met een verzekerd bedrag van € 5.000 per maand bij volledige arbeidsongeschiktheid, gebaseerd op zijn beroep als directeur.
Na een burnout wordt Marijn door de verzekeraar beoordeeld op 60% arbeidsongeschikt. Hij ontvangt dus 60% × € 5.000 = € 3.000 per maand bruto uitkering. Stel hij heeft de polis privé afgesloten:
- Uitkering: € 3.000/maand bruto
- Belast in box 1 (hij heeft geen ander inkomen meer): effectieve belastingdruk circa 36–37%
- Netto: circa € 1.890 per maand uit de AOV
- Totaal netto: BV betaalt gebruikelijk loon € 65.000/jaar door (verplicht eerste 2 jaar)
Had Marijn de polis zakelijk via de BV afgesloten:
- BV ontvangt € 3.000/maand = € 36.000/jaar extra omzet
- BV betaalt 19% Vpb: € 6.840 belasting
- Netto in BV: € 29.160
- Bij dividenduitkering: 24,5% box 2 = nog eens € 7.144 belasting
- Netto privé uit de uitkering: circa € 22.016 per jaar — of € 1.835 per maand
Verschil: € 55 per maand in dit voorbeeld. Maar bij hogere inkomensniveaus of langere uitkeringsduur loopt dat snel op tot tienduizenden euro’s over de hele uitkeringsperiode.
Kan het gebruikelijk loon omlaag bij langdurige arbeidsongeschiktheid?
Een veelgestelde vraag: mag je als DGA het gebruikelijk loon verlagen als je langdurig arbeidsongeschikt bent en nauwelijks werkt? Dat kan, maar onder strikte voorwaarden. Het gebruikelijk loon mag alleen naar beneden als je aantoonbaar minder uren werkt door de beperking. Je moet dit goed documenteren en vastleggen in een aandeelhoudersbesluit of personeelsdossier.
Correctie met terugwerkende kracht wordt door de Belastingdienst doorgaans niet geaccepteerd. Regel dit dus tijdig, bij voorkeur in overleg met je accountant. Wordt de BV verlieslatend door de situatie, dan gelden andere uitzonderingen op het gebruikelijk loon. Raadpleeg hiervoor de Belastingdienst of een fiscaal jurist.
Na twee jaar loondoorbetalingsverplichting stopt de BV-verplichting. Vanaf dat moment valt of staat jouw inkomen volledig met de AOV-uitkering — en de fiscale constructie die je eerder hebt gekozen. Wie dan de verkeerde keuze heeft gemaakt, merkt pas goed hoeveel dat scheelt.
De les is helder: voor de meeste DGA’s is een privé-AOV het slimst, omdat de uitkering direct bij jou terechtkomt zonder BV-belastinglaag. Maar ook de polisstructuur — het verzekerd bedrag, de eigen risicotermijn, de arbeidsongeschiktheidsdefinitie — bepaalt mede hoe sterk je uitkeringspad er in de praktijk uitziet. Laat je goed adviseren over de premies en fiscale aftrek voordat je een keuze maakt. En als je al een AOV hebt: controleer nu of de BV of jijzelf de verzekeringnemer is, want dat heeft grote gevolgen zodra je een claim indient.
Veelgestelde vragen
Wie ontvangt de AOV-uitkering als je als DGA arbeidsongeschikt wordt?
Dat hangt af van de polisconstructie. Bij een privé-AOV op jouw naam keert de verzekeraar direct aan jou uit als privépersoon. Bij een zakelijke AOV op naam van de BV ontvangt de BV de uitkering als onderdeel van haar omzet. In het laatste geval moet het geld vervolgens via loon of dividend bij jou terechtkomen, wat extra belasting kost. De meeste DGA’s kiezen daarom voor een privé-AOV, zodat de uitkering direct en zonder dubbele belastinglaag bij hen terechtkomt.
Hoe verloopt de AOV-claimmelding als DGA?
Zodra je weet dat de arbeidsongeschiktheid langer gaat duren, meld je dit bij je verzekeraar — bij voorkeur binnen enkele werkdagen. Je vult het schadeformulier in en stuurt een identiteitsbewijs mee. De verzekeraar schakelt daarna een arbeidsdeskundige en eventueel een medisch adviseur in voor de beoordeling. Na de eigen risicotermijn (die je zelf hebt gekozen, vaak 14 tot 90 dagen) start de uitkering. Als DGA heb je geen recht op een UWV WIA-uitkering — je bent aangewezen op je private AOV.
Moet de BV het gebruikelijk loon doorbetalen bij arbeidsongeschiktheid?
Ja. De BV is wettelijk verplicht het gebruikelijk loon maximaal twee jaar door te betalen, ook als jij als DGA arbeidsongeschikt bent. In 2026 is het verplichte minimumloon € 58.000 per jaar. Je kunt het loon alleen verlagen als je aantoonbaar minder uren werkt en dit goed documenteert. Met terugwerkende kracht corrigeren accepteert de Belastingdienst doorgaans niet. Na twee jaar stopt de BV-loondoorbetalingsverplichting en val je terug op je AOV-uitkering.
Wat zijn de fiscale gevolgen van een AOV-uitkering via de BV?
Als de BV de uitkering ontvangt, telt die als winst van de BV en wordt er vennootschapsbelasting (Vpb) over geheven: 19% over de eerste € 200.000 en 25,8% daarboven in 2026. Wil je het geld privé ontvangen via dividend, dan betaal je bovendien box 2-belasting: 24,5% over de eerste € 68.843 en 31% daarboven. De gecombineerde belastingdruk kan daardoor fors hoger uitvallen dan bij een privé-uitkering, die alleen in box 1 belast wordt.
Wat is het verschil tussen verzekeraar-keuring en UWV-keuring voor DGA’s?
De UWV-keuring geldt voor werknemers in het kader van de WIA. Als DGA val je niet onder de werknemersverzekeringen, dus je hebt geen recht op een WIA-uitkering. Jouw AOV-verzekeraar doet een eigen medische beoordeling via een arbeidsdeskundige of medisch adviseur. Die beoordeelt in hoeverre jij jouw eigen beroep (of gangbare arbeid, afhankelijk van je polistype) nog kunt uitoefenen. Het resultaat van die keuring bepaalt het percentage arbeidsongeschiktheid en dus het uitkeringsbedrag.
Wat gebeurt er met mijn AOV-uitkering als de BV failliet gaat?
Bij een zakelijke AOV op naam van de BV behoort de uitkering tot het BV-vermogen. Als de BV failliet gaat, kunnen crediteuren in principe beslag leggen op de lopende uitkering of de polis. Dat is een reëel risico bij een BV met schulden. Bij een privé-AOV is dit risico afwezig: de uitkering is van jou persoonlijk en staat buiten de boedel van de BV. Dit is voor veel DGA’s een doorslaggevend argument om de AOV privé te houden.
Tekst geoptimaliseerd in mei 2026.










