Arbeidsongeschiktheidsverzekering voor werknemers en DGA’s in 2026: WIA-hiaat, WGA-gat en wanneer je zelf bijverzekert

Timo van Loon

Werknemers aan het werk op kantoor — arbeidsongeschiktheidsverzekering werknemer WIA-hiaat 2026

Je leest dit artikel in 7 minuten

Als werknemer ga je er waarschijnlijk van uit dat de overheid je opvangt als je langdurig ziek wordt. En ja, de WIA — de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen — biedt een bodem. Maar die bodem ligt vaak een stuk lager dan je verwacht. Het verschil tussen wat UWV uitkeert en wat je daarvoor verdiende, heet het WIA-hiaat of WGA-gat. En voor directeuren-grootaandeelhouders (DGA’s) is de situatie nog grimmiger: zij vallen in veel gevallen helemaal buiten de verplichte werknemersverzekeringen.

Dit artikel gaat niet over zzp’ers en hun AOV-verplichting — dat onderwerp behandelen we elders uitgebreid. Hier kijken we naar de inkomenspositie van werknemers in loondienst en DGA’s bij arbeidsongeschiktheid in 2026: wat dekt de WIA precies, waar zit het gat, en wanneer is bijverzekeren slim of zelfs noodzakelijk?

Hoe de WIA werkt: WGA en IVA

De WIA is de Nederlandse wettelijke verzekering bij langdurige arbeidsongeschiktheid. Na twee jaar loondoorbetaling door de werkgever beoordeelt UWV of je in de WIA terechtkomt. De WIA kent twee regelingen.

De IVA (Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten) is voor werknemers die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn — dus voor meer dan 80% en met een kleine kans op herstel. De uitkering bedraagt 75% van het dagloon, gemaximeerd op het wettelijk maximumdagloon. Per 1 januari 2026 ligt dat maximumdagloon op €304,25 bruto per dag, wat neerkomt op een WIA-loongrens van €79.409 per jaar.

De WGA (Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten) is voor werknemers die gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn, of volledig maar met herstelkansen. De WGA-uitkering kent een loongerelateerde fase (vergelijkbaar met WW) en daarna een vervolguitkering of loonaanvullingsuitkering. In de eerste twee maanden van de loongerelateerde WGA bedraagt de uitkering 75% van het dagloon; daarna 70%. De duur van de loongerelateerde fase hangt af van het arbeidsverleden.

Het WIA-hiaat en WGA-gat: waar zit de pijn?

Het probleem voor de meeste werknemers zit in twee lagen. Verdiende je meer dan het wettelijk maximum van €79.409 per jaar? Dan wordt je uitkering berekend over dat maximum — het meerdere telt niet mee. Een werknemer met een bruto jaarsalaris van €110.000 heeft dus al direct een structureel inkomensverlies van het loon boven de loongrens zodra hij of zij arbeidsongeschikt wordt.

Maar ook onder die loongrens is er een gat. Na de loongerelateerde WGA-fase — die afhankelijk van werkgeschiedenis maximaal 24 maanden duurt — daalt de uitkering naar de vervolguitkering van 70% van het minimumloon of de loonaanvulling tot 70% van het resterende verdienvermogen. Voor iemand die gewend is aan 100% van zijn loon kan dit een daling van 30 tot 50 procent betekenen.

Dit inkomensverschil heeft twee namen: het WIA-hiaat (het gat in de uitkering bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid) en het WGA-gat (het verschil tussen WGA-uitkering en het vroegere loon). Beide begrippen worden in de markt door elkaar gebruikt, maar ze verwijzen naar hetzelfde probleem: de wettelijke uitkering dekt lang niet het vroegere inkomen.

WGA-hiaatverzekering: de werknemer verzekert zichzelf (of de werkgever doet het collectief)

Om het WGA-gat te dichten, bestaat er de WGA-hiaatverzekering. Deze verzekering vult de WGA-uitkering aan tot maximaal 70% van het verzekerde loon, tot het wettelijk maximum van €79.409 (2026). Een werknemer kan deze verzekering zelf afsluiten, maar in de praktijk regelt de werkgever dit vaak collectief voor alle medewerkers.

Een collectieve WGA-hiaatverzekering heeft voordelen voor beide partijen: de werkgever biedt een aantrekkelijk arbeidsvoorwaardenpakket, en de werknemer heeft zekerheid zonder zelf actie te hoeven ondernemen. De premie is doorgaans lager dan bij een individuele polis. Verzekeraars als Centraal Beheer, Nationale-Nederlanden en a.s.r. bieden uitgebreide varianten aan die zowel de loongerelateerde fase als de vervolguitkering aanvullen.

Let op: de premie voor de WGA-hiaatverzekering is voor de werknemer aftrekbaar als lijfrentepremie als hij de polis zelf afsluit — maar dit moet je jaarlijks in de aangifte inkomstenbelasting meenemen. Bij een collectieve regeling regelt de werkgever dat doorgaans via de salarisadministratie. Meer informatie over de fiscale kant vind je via rijksoverheid.nl/onderwerpen/wia.

WIA-excedentverzekering: voor wie boven de loongrens verdient

Verdient een werknemer meer dan €79.409 bruto per jaar? Dan is er naast de WGA-hiaatverzekering ook een WIA-excedentverzekering nodig. Die dekt het gedeelte van het loon dat boven de WIA-loongrens uitkomt. Zonder excedent-verzekering valt dit deel van het inkomen simpelweg weg bij arbeidsongeschiktheid.

De WIA-excedentverzekering kan tot 70%, 75% of 80% van het boven-grensdeel van het jaarsalaris uitkeren. In de praktijk sluiten werkgevers dit samen met de WGA-hiaatverzekering af als collectieve regeling, zodat een werknemer met een hoger salaris volledig gedekt is. Denk aan een senior manager met een salaris van €120.000: zonder excedent-verzekering verliest hij of zij bij volledige arbeidsongeschiktheid al snel meer dan €30.000 netto per jaar.

Voor een overzicht van alle arbeidsongschiktheidsverzekeringen en wat ze dekken, zie ook onze categoriepagina over de arbeidsongeschiktheidsverzekering.

De DGA: geen werknemersverzekeringen, dus zelf regelen

De directeur-grootaandeelhouder (DGA) is een bijzonder figuur in het Nederlandse socialezekerheidsrecht. Een DGA is formeel in loondienst bij zijn of haar eigen BV, maar heeft doorgaans een aanmerkelijk belang (meer dan 5% van de aandelen) en is daardoor niet verzekerd voor de verplichte werknemersverzekeringen. Dat betekent: geen WIA, geen WW, geen Ziektewet als vangnet. Voor de AOV geldt de toekomstige verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering (verwacht per 2030) bovendien niet voor DGA’s.

De DGA staat daarmee in hetzelfde schuitje als een zzp’er: zonder actie geen inkomensbescherming bij langdurige ziekte of arbeidsongeschiktheid. Het verschil is wel dat een DGA de keuze heeft om een AOV privé af te sluiten of via de BV te regelen, elk met eigen fiscale voor- en nadelen.

AOV privé afsluiten is voor de meeste DGA’s financieel aantrekkelijker. De premie is aftrekbaar in box 1 als lijfrentepremie (tot de jaarruimte en reserveringsruimte), en de belastingteruggave vindt plaats tegen het marginale inkomstenbelastingtarief — in 2026 maximaal 49,5%. Bovendien valt de verzekering buiten het bedrijfsrisico: een faillissement van de BV raakt de AOV niet.

AOV via de BV is fiscaal minder aantrekkelijk dan het op het eerste gezicht lijkt. De BV trekt de premie af van de winst (vennootschapsbelasting, tarief 19–25,8%), maar bij uitkering is het inkomen belast in box 1 bij de DGA. Netto is dit dus doorgaans ongunstiger dan privé afsluiten. Voordeel is de cashflow: de BV betaalt de premie direct en dat voelt minder.

Bij het bepalen van het gewenste verzekerd bedrag geldt voor een DGA dezelfde vuistregel als voor een zzp’er: verzeker minimaal 70-80% van je huidige netto-inkomen, tot een maximum dat de verzekeraar toestaat (doorgaans €100.000–€250.000 per jaar, afhankelijk van aanbieder en inkomen). Laat je hierbij adviseren door een onafhankelijk financieel adviseur, want de markt voor DGA-AOV-producten verschilt sterk in dekking, wachttijden en indexering.

Werknemer, DGA of zzp’er: de inkomensbescherming vergeleken

Het verschil in bescherming tussen de drie groepen is groot. Een werknemer in loondienst bij een werkgever met een collectieve WGA-hiaatverzekering zit het beste af: hij of zij heeft een wettelijk vangnet (WIA), aangevuld met een collectieve polis. Een werknemer zonder collectieve regeling heeft alleen de WIA en loopt het volle WGA-gat-risico. Een DGA en een zzp’er zijn beide op zichzelf aangewezen en kunnen bij langdurige ziekte zonder eigen verzekering volledig zonder inkomen komen te zitten.

Situatie Wettelijk vangnet Risico zonder extra verzekering
Werknemer met collectieve WGA-hiaat polis WIA (WGA/IVA) Beperkt — aanvulling regelt het gat
Werknemer zonder collectieve regeling WIA (WGA/IVA) Fors inkomensverlies na loongerelateerde fase
DGA met ≥5% aandelen in eigen BV Geen (uitgesloten van werknemersverzekeringen) Volledig inkomensverlies zonder eigen AOV
Zzp’er / zelfstandige Geen (wel verplichte AOV per 2030) Volledig inkomensverlies zonder eigen AOV

Wanneer is bijverzekeren slim?

Voor een werknemer is bijverzekeren slim als je werkgever geen collectieve WGA-hiaatverzekering aanbiedt, als je een salaris boven €79.409 hebt (excedent-risico), of als je financiële verplichtingen hebt — hypotheek, alimentatie, studerend kind — die je niet kunt dragen bij een fors lager inkomen. Check bij je werkgever of HR-afdeling welke polissen er lopen; veel werknemers zijn al dekking vergeten die via de werkgever is geregeld.

Twijfel je over de juiste dekking? De Consumentenbond heeft onafhankelijke vergelijkingen van WGA-hiaatverzekeringen en AOV-producten. En bij de Nibud vind je rekentools om te bepalen hoe groot je inkomensval bij arbeidsongeschiktheid zou zijn.

Voor DGA’s is bijverzekeren niet slim — het is noodzakelijk. Zonder eigen AOV is er bij langdurige ziekte letterlijk geen inkomen. Sluit je AOV zo vroeg mogelijk af: hoe jonger en gezonder je bent, hoe lager de premie en hoe kleiner de kans op uitsluitingen wegens bestaande aandoeningen. Voor meer informatie over zakelijke verzekeringen zie ook onze overzichtspagina bedrijfsverzekeringen.

De keuze tussen WGA-hiaat, WIA-excedent en een volledige eigen AOV is dus sterk afhankelijk van je situatie. Een werknemer in loondienst heeft andere behoeften dan een DGA of zzp’er. Wat ze gemeen hebben: inkomensbescherming bij arbeidsongeschiktheid is te belangrijk om te negeren, en de echte kosten van niets doen worden pas duidelijk wanneer het te laat is om er iets aan te doen.

Tekst geoptimaliseerd in mei 2026.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen WGA-hiaat en WIA-hiaat?

WGA-hiaat en WIA-hiaat verwijzen in de praktijk naar hetzelfde probleem: het inkomensverschil tussen de wettelijke uitkering (WGA of IVA) en het vroegere loon. Technisch is de WGA het gedeelte van de WIA voor gedeeltelijk arbeidsongeschikten; de WIA is de overkoepelende wet. In de verzekeringsmarkt worden beide begrippen door elkaar gebruikt voor de producten die dit gat dichten.

Valt een DGA automatisch onder de WIA?

Nee. Een DGA met een aanmerkelijk belang (meer dan 5% van de aandelen) in de eigen BV is in de meeste gevallen uitgesloten van de verplichte werknemersverzekeringen, waaronder de WIA. Dit geldt ook als de DGA zichzelf via de BV een salaris uitbetaalt. De DGA moet dus zelf een arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) afsluiten voor inkomensbescherming bij langdurige ziekte.

Hoeveel keert de WGA uit in 2026?

De WGA-uitkering bedraagt in de loongerelateerde fase 75% van het dagloon in de eerste twee maanden, daarna 70%. Na de loongerelateerde fase volgt een vervolguitkering of loonaanvulling die doorgaans lager uitvalt. De berekening is gebaseerd op maximaal het wettelijk maximumdagloon van €304,25 per dag (2026), wat overeenkomt met een jaarsalaris van €79.409. Loon boven dit maximum telt niet mee in de WIA-berekening.

Kan ik als werknemer zelf een WGA-hiaatverzekering afsluiten?

Ja, dat kan. Als je werkgever geen collectieve WGA-hiaatverzekering aanbiedt, kun je zelf een individuele polis afsluiten bij verzekeraars als Centraal Beheer, Nationale-Nederlanden, a.s.r. of Aon. De premie is onder voorwaarden aftrekbaar als lijfrentepremie in de aangifte inkomstenbelasting. Het is verstandig je eerst bij HR of de werkgever te informeren of er al een collectieve regeling loopt — veel werknemers zijn zich hier niet van bewust.

Is een AOV via de BV fiscaal aantrekkelijker voor een DGA?

Nee, in de meeste gevallen niet. Hoewel de BV de premie kan aftrekken van de winst (VPB-tarief 19–25,8%), wordt de uitkering bij arbeidsongeschiktheid belast als inkomen bij de DGA in box 1 (tot 49,5%). Netto is privé afsluiten doorgaans gunstiger: de premie is aftrekbaar tegen het marginale inkomstenbelastingtarief en de verzekering valt buiten het faillissementsrisico van de BV. Laat je altijd adviseren door een onafhankelijk adviseur.

Wat is de WIA-loongrens in 2026?

De WIA-loongrens bedraagt per 1 januari 2026 €79.409 bruto per jaar (maximumdagloon €304,25). Verdien je meer dan dit bedrag? Dan wordt je WIA-uitkering berekend over dit maximum; het meerdere is ongedekt. Voor het deel boven de loongrens is een aparte WIA-excedentverzekering nodig. Werkgevers kunnen dit collectief aanbieden als onderdeel van het arbeidsvoorwaardenpakket.


Geef een reactie