Je hebt drie offertes aangevraagd en alle drie zijn ze anders — andere premie, andere voorwaarden, ander eigen risico. Nu moet je kiezen. Maar hoe leg je AOV-polissen eerlijk naast elkaar? De premie is zelden de doorslag. Een polis die 40 euro per maand goedkoper is, kan bij een langdurige uitkering tienduizenden euro’s minder uitkeren — of helemaal niet, door een clausule die je pas ontdekt op het moment dat je hem het hardst nodig hebt.
De context in 2026 maakt vergelijken urgenter dan ooit. Het wetsvoorstel voor de verplichte Basisverzekering Arbeidsongeschiktheid Zelfstandigen (BAZ) is naar de Tweede Kamer gestuurd, met een beoogde invoerdatum van 1 januari 2030. Wie vóór de peildatum (die naar verwachting in 2026 of 2027 wordt vastgesteld) een particuliere AOV afsluit die aan de eisen voldoet, heeft recht op overgangsrecht en hoeft niet in de verplichte UWV-variant. Dat overgangsrecht is waardevol — de vrijwillige markt biedt meer maatwerk dan de standaard BAZ-polis. Maar dan moet je wél de juiste keuze maken. Onderstaande checklist helpt je dat te doen.
Stap 1: sommenverzekering of schadeverzekering?
Dit is het fundamentele onderscheid dat de meeste zelfstandigen niet kennen totdat het te laat is. Een sommenverzekering keert een vooraf vastgesteld bedrag uit, ongeacht wat je werkelijk verdient op het moment van arbeidsongeschiktheid. Verdien je de maand voor je ziekmelding weinig (door verlof, een rustige periode of seizoensinvloeden), dan maakt dat niet uit: je krijgt het afgesproken bedrag. Een schadeverzekering daarentegen kijkt bij een claim naar je werkelijke inkomensverlies. Lag je omzet de afgelopen maanden laag, dan valt de uitkering lager uit — ook al betaalde je jaren lang premie op basis van een hoger inkomen.
In de praktijk kan dit bij een schadepolis flink tegenvallen. Stel: je bent grafisch ontwerper, verdient normaal €5.000 bruto per maand, maar had drie rustige maanden met €2.000 omzet voordat je uitviel. De verzekeraar rekent dan de uitkering op basis van die recente inkomsten. Bij een sommenpolis heb je dat risico niet. Controleer dus altijd welk type polis je sluit — dit staat in de polisvoorwaarden onder ‘grondslag uitkering’.
Stap 2: dekkingscriterium — de drie varianten
Het dekkingscriterium bepaalt wanneer de verzekeraar jou als arbeidsongeschikt beschouwt. Er zijn drie varianten, en het verschil is enorm groot:
- Beroepsarbeidsongeschiktheid: je kunt je eigen beroep niet meer uitoefenen. Je ontvangt uitkering, ook als je theoretisch een andere baan zou kunnen doen. Dit is de meest royale variant — en de duurste.
- Passende arbeidsongeschiktheid: je kunt geen arbeid verrichten die ‘passend’ is bij je opleiding en ervaring. Ruimer dan beroepsinvaliditeit: als de verzekeraar oordeelt dat jij als voormalig fysiotherapeut ‘passend’ als verzorgende zou kunnen werken, heb je geen recht op uitkering.
- Gangbare arbeidsongeschiktheid: je kunt géén werk meer doen dat ‘gangbaar’ is in de arbeidsmarkt. Dit is de smalste dekking. Je moet nagenoeg volledig uitgeschakeld zijn voor je een euro ontvangt.
Voor de verplichte BAZ geldt naar verwachting een variant op beroepsarbeidsongeschiktheid, maar de exacte norm is nog niet definitief vastgesteld. Kies bij een particuliere polis bij voorkeur voor beroepsarbeidsongeschiktheid — zeker als je in een gespecialiseerd beroep werkt waarbij omscholen feitelijk onmogelijk of onwenselijk is.
Stap 3: eigenrisicoperiode en uitkeringsduur
De eigenrisicoperiode is de wachttijd tussen het moment dat je uitvalt en het moment dat de verzekeraar begint uit te keren. Gangbare opties zijn 14 dagen, 1 maand, 3 maanden, 6 maanden en 1 of 2 jaar. Een langere eigenrisicoperiode verlaagt je premie aanzienlijk: wie kiest voor 6 maanden in plaats van 1 maand betaalt soms 30–40% minder.
Koppel je keuze aan je financiële buffer. Kun je 3 of 6 maanden overbruggen uit eigen reserves? Dan is een langere eigenrisico slim. Heb je geen buffer, kies dan een kortere periode — maar besef dat een 14-daagse termijn in de premie voelt in vergelijking met een 3-maands termijn.
Controleer ook de maximale uitkeringsduur. Veel polissen keren uit tot je 67e (of de dan geldende AOW-leeftijd), maar er zijn ook polissen met een maximale uitkering van 5 of 10 jaar. Dat laatste is goedkoper, maar laat je blootgesteld bij langdurige invaliditeit. Voor de BAZ-overgangsregeling geldt dat je polis in elk geval moet doorlopen tot de AOW-leeftijd. Controleer dit dus expliciet.
Stap 4: indexatie en winstdeling
Inflatie holt een vaste uitkering uit. Een uitkering van €3.000 per maand in 2026 is bij 3% jaarlijkse inflatie over 15 jaar nog maar €1.930 in koopkracht waard. Indexatie koppelt je uitkering (en eventueel je premie) aan de inflatie of een loonindex, zodat je koopkracht op peil blijft.
Niet alle polissen bieden dezelfde indexatievariant. Let op het onderscheid tussen uitkeringsindexatie (de lopende uitkering groeit mee) en verzekeringsindexatie (het verzekerde bedrag groeit mee, nog vóór een claim). Sommige verzekeraars bieden ook jaarlijkse aanpassingen op basis van de CBS-loonindex. Check ook of er een maximum zit op de indexatie — sommige polissen limiteren dat op 3% per jaar.
Winstdeling bestaat bij sommige verzekeraars ook nog: als het schadeverloop meevalt, krijg je een deel van de premie terug. Hoewel dat klinkt als een bonus, tel je hier beter niet op. Het is geen gegarandeerd voordeel en heeft geen invloed op je feitelijke dekking.
Stap 5: uitsluitingen en medische acceptatie
Dit is het punt waar zelfstandigen het vaakst worden verrast. Bij het afsluiten van een AOV doorloop je een medische acceptatieprocedure. Verzekeraars stellen gezondheidsverklaringen en soms een medisch onderzoek verplicht. Op basis daarvan kunnen ze:
- je polis accepteren zonder voorbehoud;
- je accepteren met een uitsluiting voor bestaande klachten (bijv. rugklachten, burn-outhistorie);
- een verhoogde premie rekenen (opslag);
- je weigeren.
Beperk je niet tot het vergelijken van het acceptatiebeleid op papier — kijk ook naar de acceptatiepraktijk van verschillende verzekeraars. De ene verzekeraar is soepeler bij psychische klachten in het verleden, de andere bij fysieke aandoeningen. Een onafhankelijk adviseur kent dit verschil en kan je naar de meest geschikte partij sturen.
Let ook op de zogenaamde basisacceptatie-producten: sommige verzekeraars accepteren iedereen tot een bepaald verzekerd bedrag (bijv. €2.000 per maand) zonder medische vragen. Dit klinkt aantrekkelijk, maar gaat gepaard met hogere premies en beperkter maatwerk. Bekijk of de standaardpolis bij een reguliere acceptatie niet alsnog goedkoper en ruimer uitpakt.
Meer informatie over acceptatiebeleid en jouw rechten vind je bij de AFM en op Rijksoverheid.nl over de verplichte AOV.
Stap 6: de minder zichtbare vergelijkpunten
Premie en dekkingsomschrijving zijn zichtbaar. Maar de volgende punten staan zelden op de eerste pagina van een offerte — en zijn minstens zo bepalend voor wat je terugkrijgt als je ooit moet claimen.
Claim- en uitkeringspraktijk
Hoe snel keert een verzekeraar daadwerkelijk uit na een claim? Worden claimbeoordeling en keuringsartsen snel ingezet, of wacht je maanden op een beslissing? Zoek naar ervaringen van bestaande klanten bij specifieke verzekeraars — niet alleen via de eigen site, maar ook via onafhankelijke reviewplatforms als Consumentenbond of Klantbeoordelingen.nl. Een verzekeraar met een claimratio (uitbetaald vs. ingediend) van 92% versus 75% maakt bij langdurige arbeidsongeschiktheid een wereld van verschil.
Het AOV-keurmerk
Het AOV-keurmerk werd in het leven geroepen om minimale kwaliteitsnormen te stellen aan arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Een keurmerk-polis voldoet aan eisen zoals een maximale wachttijd van twee jaar, een eindleeftijd die niet lager is dan 55 jaar en een minimale uitkering gelijk aan die van de verplichte AOV. Kies bij voorkeur voor een gecertificeerde polis — en controleer of het keurmerk nog actueel is, want certificering moet periodiek worden verlengd.
Revalidatie- en re-integratieondersteuning
Steeds meer verzekeraars bieden een preventiebudget of begeleiding richting herstel. Sommige polissen financieren bijscholing, ergonomische aanpassingen of psychologische begeleiding. Bij langdurig verzuim kan dat de terugkeer naar werk versnellen — en zo de uitkeringsduur verkorten. Een revalidatiebudget van €2.500 à €5.000 dat je terugkrijgt op je werkplek klinkt als bijzaak, maar is het niet.
Zwangerschaps- en vaderlofdekking
Steeds meer AOV’s dekken ook arbeidsongeschiktheid rondom zwangerschap. Voor vrouwelijke zelfstandigen is dit een relevant punt dat bij standaard vergelijkingssites regelmatig over het hoofd wordt gezien.
Stap 7: onafhankelijk adviseur of zelf vergelijken?
Vergelijkingssites zijn handig voor een eerste oriëntatie, maar hebben een belangrijk nadeel: ze vergelijken op basis van standaardparameters (leeftijd, beroep, gewenst bedrag) en tonen vaak alleen de verzekeraars waarmee ze een provisieovereenkomst hebben. Je ziet nooit het volledige marktaanbod.
Een onafhankelijk adviseur kent het acceptatiebeleid van tientallen verzekeraars, weet bij welke partij jouw klachtenhistorie het minste problemen geeft, en onderhandelt soms over maatwerkclausules die je zelf nooit zou krijgen. De advieskosten (gemiddeld €500 à €1.500 voor een AOV-adviestraject) verdienen zich terug als je een polis kiest die bij een claim ook daadwerkelijk uitkeert.
Let op: een ‘onafhankelijk’ adviseur is formeel verplicht om uit meerdere verzekeraars te kiezen en niet gebonden aan één aanbieder. Controleer op de website of ze een vergunning hebben bij de AFM. Zie ook de vergelijkings- en dekkingstools op verzekering.veel.nl voor een overzicht van tools die je kunnen helpen.
Combineer beide aanpakken: doe eerst zelf een vergelijking op hoofdpunten via deze checklist, en ga vervolgens met die kennis naar een adviseur. Je bespreking wordt scherper en sneller — en je weet wat je wilt.
Samenvatting: de vergelijk-checklist op een rij
Gebruik onderstaand overzicht als je meer dan twee polissen naast elkaar legt:
| Vergelijkpunt | Wat controleer je? |
|---|---|
| Type polis | Sommen- of schadeverzekering? |
| Dekkingscriterium | Beroeps-, passende of gangbare arbeid? |
| Eigenrisicoperiode | 14 dagen / 1 / 3 / 6 / 12 / 24 maanden? |
| Uitkeringsduur | Tot AOW-leeftijd of beperkt in jaren? |
| Indexatie | Uitkering én verzekerd bedrag, of alleen uitkering? Maximum %? |
| Uitsluitingen | Welke klachten worden uitgesloten bij acceptatie? |
| Acceptatiebeleid | Is de verzekeraar soepel bij jouw specifieke gezondheidshistorie? |
| Uitkeringspraktijk | Claimratio, doorlooptijd beoordeling, klanttevredenheid scores |
| AOV-keurmerk | Is het keurmerk actueel en geldig? |
| Extra’s | Revalidatiebudget, zwangerschapsdekking, preventiebudget? |
AOV vergelijken is geen invuloefening. Elke zelfstandige heeft een ander profiel — qua gezondheid, inkomen, buffer en risicotolerantie. Wie de tijd neemt om bovenstaande punten af te vinken bij elke offerte, en eventueel met een onafhankelijk adviseur bespreekt welke varianten écht passen, koopt niet de goedkoopste polis — maar de best passende. En dat is in de arbeidsongeschiktheidsverzekering het enige dat telt. Bekijk ook onze overzichtspagina over bedrijfsverzekeringen voor meer informatie over bescherming als ondernemer.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een sommen- en schadeverzekering bij een AOV?
Bij een sommenverzekering keert de verzekeraar een vooraf vastgesteld bedrag uit bij arbeidsongeschiktheid, ongeacht je werkelijke inkomensverlies op dat moment. Bij een schadeverzekering wordt gekeken naar het daadwerkelijke inkomensderving. Is je omzet vlak voor je uitval lager dan gebruikelijk — door vakantie of een rustige periode — dan pakt de uitkering bij een schadepolis lager uit. Een sommenpolis biedt meer zekerheid, maar is doorgaans ook duurder.
Welk dekkingscriterium is het beste voor een zzp’er?
Beroepsarbeidsongeschiktheid is de meest beschermende optie: je ontvangt uitkering zodra je jouw eigen beroep niet meer kunt uitoefenen, ook als je theoretisch iets anders zou kunnen doen. Gangbare arbeidsongeschiktheid is het smalst: je moet vrijwel volledig uitgeschakeld zijn. Voor specialisten en vakkundigen is beroepsarbeidsongeschiktheid vrijwel altijd het verstandigst, al kost het meer. Passende arbeid zit er tussenin en is een compromis.
Hoe beïnvloedt de eigenrisicoperiode mijn premie?
De eigenrisicoperiode is de wachttijd voordat de uitkering start. Hoe langer die periode, hoe lager de premie — het verschil tussen 14 dagen en 6 maanden eigenrisico kan oplopen tot 30–40% premieverschil. Koppel je keuze aan je financiële buffer: kun je 3 à 6 maanden overbruggen via spaargeld of een noodfonds? Dan is een langere eigenrisicoperiode slim. Heb je geen buffer, kies dan een kortere termijn — ook al kost dat meer per maand.
Is het AOV-keurmerk een garantie voor een goede polis?
Het AOV-keurmerk stelt minimale eisen aan de polis: eindleeftijd niet onder 55 jaar, maximale wachttijd twee jaar, en een uitkering die minstens gelijkwaardig is aan de verplichte BAZ-variant. Het keurmerk is een nuttig basisfilter, maar geen garantie voor optimale dekking. Het zegt niets over de uitkeringspraktijk, de souplesse bij claims of de hoogte van de premie. Gebruik het als minimumeis, niet als eindoordeel.
Wat verandert er in 2026 rondom de verplichte AOV voor zzp’ers?
Het wetsvoorstel voor de Basisverzekering Arbeidsongeschiktheid Zelfstandigen (BAZ) is in 2026 ingediend bij de Tweede Kamer. De beoogde invoerdatum is 1 januari 2030. Naar verwachting wordt in 2026 of 2027 een peildatum vastgesteld. Wie op dat moment een particuliere AOV heeft die voldoet aan de minimumeisen, heeft recht op overgangsrecht en stapt niet automatisch in de UWV-variant. Dat overgangsrecht biedt meer maatwerk en vaak betere voorwaarden dan de standaard BAZ-polis.
Moet ik een onafhankelijk adviseur inschakelen of kan ik zelf vergelijken?
Vergelijkingssites geven een goed eerste beeld, maar tonen zelden het volledige marktaanbod en houden geen rekening met jouw medische voorgeschiedenis. Een onafhankelijk adviseur kent het acceptatiebeleid van tientallen aanbieders en kan je sturen naar de verzekeraar die bij jouw situatie past. De advieskosten (doorgaans €500 tot €1.500) verdienen zich terug bij een claim die werkelijk uitbetaalt. Controleer altijd of de adviseur een AFM-vergunning heeft.
Tekst geoptimaliseerd in mei 2026.










