Ongevallenverzekering voor zzp’ers in 2026: vaste uitkering bij letsel, en het verschil met een AOV

Timo van Loon

Close-up van een hand met letsel — illustratie bij persoonlijke ongevallenverzekering voor zzp'ers

Je leest dit artikel in 6 minuten

Als zzp’er draai je zelf op voor de financiële gevolgen als je door een ongeluk uitvalt. Geen werkgever die doorbetaalt, geen ziektewetuitkering. De meeste zelfstandigen weten dat een arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) daarvoor de brede oplossing is. Maar er bestaat ook een goedkopere, smallere variant: de persoonlijke ongevallenverzekering. Die betaalt niet als je ziek wordt of opgebrand raakt — maar wel als je door een concreet ongeluk blijvend letsel oploopt of overlijdt. Voor sommige zzp’ers is dat precies wat ze nodig hebben als aanvulling.

In 2026 staat de verplichte AOV voor zelfstandigen (de zogeheten BAZ) hoog op de politieke agenda. Minister Aartsen stuurde het wetsvoorstel op 23 maart 2026 naar de Tweede Kamer, met als doel de wet vóór augustus 2026 door beide Kamers te loodsen zodat er recht ontstaat op EU-subsidie uit het Herstel- en Veerkrachtplan. Invoering wordt verwacht rond 2030. Zolang die wet er nog niet is, blijft de keuze voor de juiste verzekering volledig aan de zzp’er zelf. Een persoonlijke OV verdient in dat speelveld meer aandacht dan hij doorgaans krijgt.

Wat is een persoonlijke ongevallenverzekering precies?

Een persoonlijke ongevallenverzekering — ook wel zakelijke OV of individuele OV voor zelfstandigen — keert een vooraf afgesproken kapitaalbedrag uit als je door een ongeluk blijvend letsel oploopt of overlijdt. Denk aan een val van een ladder, een ernstig auto-ongeluk of een arbeidsongeval waarbij je hand, been of oog permanent beschadigd raakt.

De uitkering is geen schadevergoeding die de werkelijke schade dekt, maar een vaste kapitaalsom gebaseerd op het invalideiteitspercentage. Stel je verzekert je voor €100.000 bij 100% invaliditeit. Loop je blijvend 40% functiestoornis op aan je rechterarm, dan ontvang je €40.000 in een keer. Bij overlijden door een ongeluk gaat een apart overeengekomen kapitaal naar je nabestaanden — vaak de helft van het invaliditeitskapitaal, bijvoorbeeld €50.000.

Er zijn twee varianten: 24-uursdekking (ook buiten werktijd, dus ook in het weekend en op vakantie) en uitsluitend werkdekking (alleen tijdens beroepsmatige activiteiten). De 24-uursdekking is populairder en logischer voor zzp’ers die het onderscheid tussen werk- en privétijd vaak lastig te trekken vinden.

Hoe werkt de uitkering via de gliedmaten-/invaliditeitstabel?

Verzekeraars werken met een zogenoemde Gliedertaxe — een vaste tabel die per lichaamsdeel of functie een invaliditeitspercentage koppelt aan het maximale verzekerd bedrag. Zo weet je van tevoren precies wat je ontvangt. Veelgebruikte percentages (per verzekeraar licht wisselend):

Lichaamsdeel of functie Invaliditeitspercentage
Arm (volledig verlies of functieverlies) 80%
Hand (op pols) 70%
Duim 25%
Wijsvinger 15%
Been (heup tot voet) 70–75%
Voet 50%
Beide ogen (blindheid) 100%
Één oog 35–40%
Gehoor (beide oren) 60%

Is de schade gedeeltelijk — dus niet het complete verlies van een lichaamsdeel, maar een beperking in beweeglijkheid of kracht — dan past de verzekeraar een lager percentage toe naar rato. Bij een zzp’er die met zijn handen werkt (timmerman, dakdekker, kapper) kan zelfs een gedeeltelijk functieverlies van een hand grote impact hebben op de uitkering én op de arbeidsgeschiktheid. Houd daarmee rekening bij het kiezen van het verzekerd kapitaal.

Het cruciale verschil met een AOV

Dit onderscheid is het belangrijkste dat je moet begrijpen voordat je besluit of een OV al dan niet voldoende is als je enige bescherming.

Een AOV (arbeidsongeschiktheidsverzekering) keert een maandelijkse inkomensvervangingsuitkering uit bij elke vorm van arbeidsongeschiktheid die lang genoeg duurt — of dat nu door ziekte, burn-out, hernia, een hartinfarct, chronische pijn of een ongeluk is. De AOV kijkt niet naar de oorzaak, maar naar het feit dat je je werk niet meer kunt uitvoeren. Dat maakt de AOV tot de meest complete bescherming voor zelfstandigen. Zie onze uitleg over de arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers.

Een persoonlijke OV kijkt uitsluitend naar de oorzaak: was er een plotseling, onverwacht, van buiten komend geweld op het lichaam? Zo ja, en leidt dat tot blijvend letsel? Dan wordt uitgekeerd. Raak je arbeidsongeschikt door overbelasting, burnout, een auto-immuunziekte of een sluipende hernia zonder aanwijsbaar ongelukmoment? Dan keert de OV niets uit.

Concreet betekent dit: een OV vervangt een AOV niet. Zelfstandigen die alleen een OV hebben, lopen een levensgroot risico. Ziekte is namelijk verantwoordelijk voor het overgrote deel van de langdurige arbeidsongeschiktheid — schattingen lopen uiteen maar liggen ruim boven de 70%. Een brand-out, een depressie, diabetes, een hernia: allemaal buiten de boot bij een pure OV.

Toch heeft een OV als aanvulling op een AOV zeker waarde. De AOV keert maandelijks uit voor inkomensverlies, maar vergoedt doorgaans geen eenmalige extra kosten bij ernstig letsel — aanpassingen aan je huis, hulpmiddelen, een eenmalige som voor nabestaanden bovenop de overlijdensdekking van je AOV. Daar springt de OV bij.

Premie: wat kost een OV voor zzp’ers in 2026?

Dit is het sterke punt van de persoonlijke OV: de premie is laag, zeker in vergelijking met een AOV. Als vuistregel voor 2026:

  • €100.000 invaliditeitskapitaal + €50.000 overlijdenskapitaal, 24 uur: circa €100–€150 per jaar (afhankelijk van leeftijd, beroep en verzekeraar).
  • €200.000 invaliditeitskapitaal + €100.000 overlijden: circa €200–€300 per jaar.

Ter vergelijking: een AOV voor een 35-jarige zzp’er kost al snel €150–€400 per maand, afhankelijk van de gewenste uitkering, het eigen risico en de beroepscategorie. Een OV kost dus een fractie van een AOV — en dat verklaart waarom sommige zzp’ers de OV nemen als tijdelijk alternatief terwijl ze nog geen AOV hebben afgesloten. Verstandig als tussenstap, maar niet als permanente oplossing.

Fiscaal: de premie voor een zakelijke OV (polis op naam van de onderneming, zakelijke doeleinden) is aftrekbaar als bedrijfskosten. Keert de polis uit? Dan is de uitkering belast als winst uit onderneming. Een polis op privénaam (buiten de onderneming) heeft andere fiscale gevolgen — de premie is dan niet aftrekbaar, maar de uitkering is onbelast. Raadpleeg je boekhouder voor de meest gunstige structuur, want de keuze hangt af van jouw specifieke situatie. De Rijksoverheid heeft meer informatie over aftrekposten voor zelfstandigen.

Voor wie is een OV extra relevant?

Niet elke zzp’er loopt hetzelfde risico op een ernstig ongeluk. Een copywriter die thuis werkt heeft een ander risicoprofiel dan een dakdekker of een rijinstructeur. Verzekeraars differentiëren premies naar beroepscategorie. Bij fysiek zware of risicovolle beroepen — bouw, installatietechniek, elektro, transport, agrarisch werk — geldt een hogere premie, maar ook een hoger ongeluksrisico dat de OV extra relevant maakt.

Specifiek voor wie een OV de moeite waard is:

  • Zzp’ers in fysiek risicovolle beroepen: bouw, onderhoud, transport, land- en tuinbouw.
  • Zzp’ers met een lopende AOV die aanvullende kapitaaldekking willen voor ernstig letsel of nabestaanden.
  • Zzp’ers die nog geen AOV hebben en op korte termijn een minimale vangnet-dekking willen: dan werkt de OV als overbrugging, maar zet alsnog stappen richting een volwaardige AOV.
  • Zzp’ers met gezin: het overlijdenskapitaal uit de OV kan een nuttige aanvulling zijn op de overlijdensdekking binnen een eventuele levensverzekering of hypotheekverzekering.

Let bij het afsluiten op de definitie van ‘ongeluk’ in de polisvoorwaarden. Sommige verzekeraars sluiten bepaalde sporten, buitenlandse avonturen of gevaarlijk werk uit. Controleer ook of er een eigen risico geldt voor medische kosten en wat de maximale uitkeringsduur is voor tijdelijke arbeidsongeschiktheid (als die dekking al is inbegrepen — dat verschilt per product).

OV en de aankomende verplichte AOV (BAZ)

Met de verplichte AOV voor zelfstandigen in aantocht, rijst de vraag of een persoonlijke OV nog zin heeft naast de BAZ. Het antwoord is ja, om twee redenen.

Ten eerste dekt de BAZ niet meer dan het wettelijk minimumloon — circa €2.500 bruto per maand in 2026 — en pas na twee jaar wachttijd. Als je gewend bent aan een hoger inkomen, dek je dat gat met een aanvullende AOV of met een hoog verzekerd kapitaal in een OV. Ten tweede dekt de BAZ, net als een gewone AOV, geen eenmalige kapitaalopbouw bij zwaar letsel of overlijden. Dat blijft het terrein van de OV. Wie vóór de peildatum (verwacht in 2026) al een privé-AOV heeft die voldoet aan de gestelde eisen, valt onder de zogenoemde eerbiedigende werking en kan buiten de BAZ blijven. Bekijk de laatste stand van zaken via KVK.nl over de verplichte AOV.

Wil je weten wat de juiste combinatie is voor jouw situatie? Vergelijk dan ook de opties in de categorie bedrijfsverzekeringen voor zzp’ers.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een OV en een AOV voor zzp’ers?

Een OV (ongevallenverzekering) keert alleen uit bij blijvend letsel of overlijden door een concreet ongeluk. Een AOV (arbeidsongeschiktheidsverzekering) keert maandelijks uit bij elke langdurige arbeidsongeschiktheid — óók door ziekte, burn-out of chronische aandoeningen. Omdat ziekte verantwoordelijk is voor het grootste deel van de langdurige uitval, is een AOV de meest complete bescherming. Een OV is een goedkope aanvulling, maar geen vervanging van een AOV.

Hoeveel kost een persoonlijke OV voor een zzp’er in 2026?

Reken op circa €100 tot €150 per jaar voor een dekking van €100.000 bij 100% invaliditeit en €50.000 bij overlijden, met 24-uursdekking. Bij €200.000 invaliditeitskapitaal kom je op circa €200–€300 per jaar. De exacte premie hangt af van je leeftijd, beroepscategorie (fysiek zwaar werk kost meer) en de verzekeraar. Dat is een fractie van een AOV-premie, die voor zzp’ers al snel €150–€400 per maand bedraagt.

Wat dekt een OV wel en niet bij zzp’ers?

Gedekt: blijvend letsel door een ongeluk (val, botsing, arbeidsongeval), overlijden door een ongeluk, soms ook tijdelijke arbeidsongeschiktheid door een ongeluk. Niet gedekt: ziekte, burn-out, overspannenheid, chronische aandoeningen zonder aanwijsbaar ongelukmoment, psychische stoornissen, slijtage. Dit is het fundamentele verschil met een AOV.

Hoe werkt de uitkering bij blijvend letsel?

De uitkering is gebaseerd op het invaliditeitspercentage uit de polisvoorwaarden (Gliedertaxe). Verlies je volledig de functie van je arm, dan ontvang je 80% van het verzekerd kapitaal. Bij een gedeeltelijke functiestoornis ontvang je een evenredig deel. Bij een verzekerd kapitaal van €100.000 en 40% blijvende invaliditeit aan je hand is dat €40.000 in een keer — belastingvrij als de polis op privénaam staat.

Is de premie voor een OV aftrekbaar als zzp’er?

Als je de polis afsluit op naam van je onderneming (zakelijke OV) en de verzekering heeft een zakelijk doel, dan is de premie aftrekbaar als bedrijfskosten. De uitkering is dan belast als winst. Staat de polis op privénaam? Dan is de premie niet aftrekbaar, maar de uitkering onbelast. Welke constructie voordeliger is, hangt af van je inkomensniveau en belastingdruk — laat je adviseren door een boekhouder.

Heeft een OV nog nut naast de aankomende verplichte AOV (BAZ)?

Ja. De BAZ dekt maximaal het wettelijk minimumloon (circa €2.500 bruto per maand in 2026) na twee jaar wachttijd. Een OV vult dat aan met een eenmalig kapitaal bij ernstig letsel of overlijden. Bovendien gaat de BAZ pas rond 2030 in. Tot die tijd — en ook daarna voor wie meer wil dan het minimum — blijft een OV een zinvolle, goedkope aanvulling op de basisverzekering.

Tekst geoptimaliseerd in mei 2026.


Geef een reactie